Schriftelijke vragen van de Statenfractie 50PLUS Noord-Brabant aan het college van Gedeputeerde Staten

Schriftelijke vragen van de Statenfractie 50PLUS Noord-Brabant aan het college van Gedeputeerde Staten.

Betreft: sociale veerkracht; subsidiegelden voor ouderenbonden

Halderberge, 6 december 2016

Geacht college,

Op 18 november jl. hadden we in de Statenvergadering een uitgebreid debat over ‘sociale veerkracht’.

Het zal volstrekt duidelijk zijn dat er zonder initiatiefnemers niets van de grond komt. Deze initiatiefnemers hebben een organisatie nodig om initiatieven te kunnen ontplooien en uitvoeren. Dat gaat gepaard met kosten.

In dat kader hebben we aan u de volgende vragen:

1. Waarom de haast de ondersteuning van bestaande organisaties op gebied van sociale veerkracht te beëindigen?

2. Is het logisch bestaande koepels te ontmantelen terwijl er geen nieuwe zijn?

3. Wij gaan ervan uit dat jaarlijks wordt geëvalueerd of de subsidiegelden terecht zijn besteed: in welk opzicht voldeden de ouderenbonden niet aan de verwachtingen en is dat met hen besproken?

4. Ziet u nu alom los-vaste initiatieven ( u noemt dat ‘projecten’) ontstaan en gaan we als Brabant die wel/niet ondersteunen? Heeft u enig idee over de werkwijze?

5. Voorziet u niet juist een terugloop aan onderlinge contacten (en samenwerkingsvormen) als koepels (bv VBOB) die samenhang niet meer kunnen bieden?

6. De drang naar vernieuwing is blijkbaar groot, maar vindt u de wijze waarop e.e.a. nu gestalte lijkt te krijgen wel doordacht?

Met vriendelijke groet,

Fractie 50PLUS
Wim van Overveld
fractievoorzitter